Ga direct naar:
Close

Keukens

Type gerechten

Menu
Zoeken

Saté

Saté
Saté

Saté

Saté is een van oorsprong Indonesisch gerecht: blokjes gemarineerd vlees worden geregen aan spiesjes, gemaakt van hout of bamboe. Het vlees wordt gegrild boven houtskool. De naam saté wordt soms ook gebruikt voor de pindasaus, die bij de stokjes wordt geserveerd.

Wat is saté?

Saté (sateh, spreek uit: ‘SA-teh’) is een van oorsprong Indonesisch gerecht: blokjes gemarineerd vlees worden geregen aan spiesjes gemaakt van hout of bamboe. Het vlees wordt gegrild boven houtskool. De naam saté wordt soms ook gebruikt voor de pindasaus die bij de stokjes wordt geserveerd.

Hoewel er een doorlopende strijd bestaat tussen Indonesië en Maleisië over wie de saté heeft uitgevonden, zijn geschiedkundigen het erover eens dat de Indonesiërs – Javanen om precies te zijn – zo’n duizend jaar geleden de eerste waren. Niet dat de Indonesiërs zich niet hadden laten inspireren; zij keken de kunst weer af van Indiase handelaren, die het idee hadden gehaald uit het Midden-Oosten, waar men kebabs boven vuur roosterde. Saté is dus het ultieme afkijkgerecht.

Het gerecht was, en is in Zuidoost-Azië nog steeds, een streetfood – waar je ook gaat, je komt karretjes en tentjes tegen waar de stokjes netjes op een rij boven een houtskoolvuurtje liggen te roosteren.

Satéstokjes kunnen verschillende soorten vlees doorboren. Het vaakst zie je varkensvlees (saté babi) en kip (saté ajam), maar ook geitenvlees (saté kambing; in Nederland vaker met lamsvlees dan met geitenvlees gemaakt trouwens), rundvlees (saté daging) en garnalen (saté oedang) smaken lekker. In Nederlandse supermarkten en restaurants zijn ook vegetarische satéstokjes te vinden, bijvoorbeeld met blokjes tempé of quorn. Er bestaan ter plaatse ook nog vreemdere lokale varianten, zoals stokjes python- of cobrasaté. Deze delicatesse wordt gedoopt in een sausje van ketjap manis en chilipepers.

Bereiding

Een marinade wordt gemaakt en over blokjes vlees gewreven. De precieze marinade-ingrediënten verschillen per gebruikte vleessoort en natuurlijk ook per chef. Voor saté kambing (lam of geit) bestaat de marinade uit tamarinde, gember, knoflook, specerijen en suiker. Voor saté oedang gebruikt men gemalen kemirinoten, sjalotjes, knoflook, gember en kokosmelk, terwijl marinade voor saté daging (rundvlees) dan weer eerder sojasaus, vissaus, koriander en knoflook bevat.

Het vlees mag een paar uur marineren. Vervolgens worden de blokjes vlees op een prikker van hout of bamboe geprikt en boven een houtskoolvuurtje geroosterd tot ze knapperig en donkerbruin vanbuiten en sappig mals vanbinnen zijn.

Voor echte Indische satésaus wordt een indrukwekkende lijst maakmakers, waaronder ketjap manis, djeroek peroet (limoenblad), lombokpepers, djahé (gember), laos (galangal) en sereh (citroengras), samen met gemalen pinda’s gesudderd tot een verslavend lekkere saus.

How to eat

Saté wordt in Indonesië gegeten als snack of met rijst: witte rijst (nasi poetih), kleefrijst (lontong), rijstpakketjes (ketupat) met satésaus als dip en een garnituurtje van komkommer en atjar tjampoer. Op zijn Hollands kiezen we eerder voor frietjes, kroepoek en een flinke sloot satésaus.

Probeer ook eens

Variaties in marinades, vleessoorten en dipsauzen maken dat er veel te ontdekken valt in de wereld die saté heet. In Japan eet men yakitori, in Vietnam vormt men gehakt rond een prikker voor het gerecht nem nuong.

Ontdek ook deze gerechten

Wie bezorgt Saté bij jou in de buurt?

Voer je postcode in