Ga direct naar:
Close

Keukens

Type gerechten

Menu
Zoeken

Nederlandse keuken

Nederlandse keuken

We zijn er nou niet bepaald trots op: de Nederlandse keuken. Typisch Nederlandse gerechten zijn bescheiden van inhoud en van uiterlijk. Stamppot, een prakje van groenten en aardappels met een worst erop, is ons nationaal gerecht maar we durven het eigenlijk niet aan gasten voor te schotelen.

Nederlandse kost is thuiskost, dagelijkse kost, gewone kost, en als we iets bijzonders willen gaan we uit eten. Deze gewoonte wordt weerspiegeld in het hoge aantal Michelinsterrenrestaurants in Nederland: in 2019 waren het er maar liefst honderdtien. Nederland heeft het culinaire landschap dus wel degelijk iets te bieden, maar dan wel via de professionals, zo lijkt het.

Zoet doet het goed

Toch is de Nederlandse keuken niet zonder culinaire traditie. Opvallend genoeg zijn het niet de stamppotten die het oudst of het meest eigen zijn – gestampt wordt er pas sinds het einde van de negentiende eeuw. Appeltaart eten we daarentegen al sinds de Middeleeuwen; onze vijftiende-eeuwse voorouders gingen met Driekoningen langs de deuren om stroopwafels te scoren en recepten voor oliebollen en hangop staan al sinds de zestiende eeuw op schrift.

Niet veel Nederlanders weten dat we juist als koekenbakkers culinaire geschiedenis hebben geschreven. Zo eet de hele wereld cookies (koekjes) en waffles (wafels). Deze Hollandse baksels werden ooit door kolonisten meegenomen naar Amerika en zijn van daar uit over de wereld verspreid geraakt. Van poffertjes tot pepernoten, van speculaas tot stroopwafels, het zijn stuk voor stuk culinaire staaltjes Hollandse koekkunst.

Daarnaast produceerden we door de eeuwen heen uitstekende streekgebonden voedselproducten, waaronder Texelse schapenkaas en ansjovis uit de Oosterschelde. Al voor de komst van de Romeinen ruilden de Friezen hun kaas; het was een van onze eerste exportproducten.

Doe maar gewoon

Nederlandse keuken

Sinds jaar en dag bereiden Nederlanders eenvoudig voedsel om de maag van arbeiders te land en ter zee te vullen. In de Middeleeuwen at men pap van granen, brood en potspijs (een allegaartje van beschikbare ingrediënten; tegenwoordig eenpansgerecht geheten). Groenten aten we nauwelijks; die werden door geneesheren als niet gezond afgeschilderd. Zelfs in de glorierijke gouden eeuw waren onze maaltijden sober. Een zeventiende-eeuws ontbijt verschilt niet veel van wat we nu eten: brood met boter en kaas, met melk of bier erbij (bier was destijds veiliger om te drinken dan water). Koffie en thee drinken we pas sinds eind zeventiende eeuw met overgave.

In de negentiende eeuw at het arme deel van Nederland nauwelijks groenten of vlees. Op tafel stonden aardappels, pap, brood en pannenkoeken, weggespoeld met grote hoeveelheden jenever. Er kwam langzaam meer oog voor gezondheid: maaltijden werden diverser en luxer, met soep vooraf of een toetje (zuivel) na. In de jaren 1950 at men graag stamppot, erwtensoep en bijgerechten als sla of appelmoes.

Sindsdien heeft er dankzij de multiculturele samenleving, globalisering en de ontwikkelingen in de voedingsmiddelenindustrie een enorme verandering plaatsgevonden op het Nederlandse aanrecht. Voor onze eetgewoonten kijken we voortaan naar het buitenland. Het begon met de afhaalchinees en een nieuwsgierigheid naar loempia’s, bami en nasi, gevolgd door een liefde voor pasta. Inmiddels eten we (vaak verbasterde) gerechten uit alle windstreken, van kip tandoori tot moussaka en, meer recentelijk, boeddhabowls. Hoewel we nog altijd graag stamppot, frikandellen en hachee eten, laat onze experimenteerdrift zien dat we nog altijd niet bijster trots zijn op ons eigen gastronomisch erfgoed.

Invloeden van buitenaf

Op zich is die buitenlandse invloed niet nieuw. Al in het verre verleden werd de Hollandse pot mede bepaald door wat de rest van de wereld at. Veel gewassen die wij als echt Hollands zien, komen oorspronkelijk van elders. De Arabieren introduceerden bloemkool, suikerriet en spinazie. Vanaf de vroege Middeleeuwen verschenen rijst en specerijen uit het Verre Oosten in onze keuken – kaneel, kruidnagel en nootmuskaat zijn sindsdien typisch Nederlandse smaken geworden. De aardappel verscheen in de zestiende eeuw in ons land en is sinds de achttiende eeuw dagelijkse kost. Ook chocolade is met de Spaanse ontdekkingsreizigers meegekomen. In de negentiende en twintigste eeuw volgden we net als iedereen de Franse keuken op de voet.

Met de influx van immigranten en gastarbeiders in ons land is sinds de jaren 1960 geleidelijk aan een multiculturele keuken ontstaan die door iedereen wordt omarmd. De smaken uit de Surinaamse en Antilliaanse keukens, uit Turkije en Marokko zijn overal terug te vinden. De keurslager verkoopt merguez, de friettent serveert naast patat ook Turkse pizza en in de supermarkt kopen we couscous en Surinaamse roti uit een pakje.

Typische ingrediënten

Nederlandse keuken

Ze werden pas in de achttiende eeuw volksvoedsel, maar sindsdien verschijnen aardappels zowat dagelijks op de Nederlandse eettafel. Vaak zijn ze onderdeel van een AGV’tje: een trio van aardappels, groente en vlees. Bovendien zijn aardappels een belangrijk bestanddeel van gerechten als hutspot, boerenkool en kapsalon.

Haring is niet zozeer als ingrediënt geliefd, maar meer als gerecht op zich. Hollandse nieuwe is rauwe gefileerde haring, die met een lading gesnipperde rauwe uitjes wordt geserveerd en die je zo van het staartje afhapt.

Nederland is een land van kaas en zuivel. Vanaf de jaren 1930 is onze melk, en alle zuivelproducten die daaruit voortkomen, flink gepromoot. Melk is goed voor elk, tenslotte. Wij Nederlanders hebben deze reclameboodschap stevig in de oren geknoopt en zijn nog altijd grootverbruiker. Brood met kaas, yoghurt en vla als toetje, room of crème fraîche in sauzen, we werken per persoon bijna 130 kilo zuivel per jaar weg.

Toffe tafelmanieren

Wij Nederlanders zijn redelijk relaxt aan tafel. Een paar praktijken vallen op:

  • De ellenbogen blijven van tafel.

  • We eten met mes en vork; vork links, mes rechts.

  • Prakken doe je alleen thuis.

  • Eten wordt in families vaak met pan en al midden op tafel geserveerd. Heb je je zinnen gezet op het laatste beetje uit de pan, dan vraag je eerst of iemand anders nog wil.

Verder is het een kwestie van niet smakken of boeren, en niet met je mond vol praten.

Voor beginners

Wil je een goed idee van de Nederlandse keuken krijgen, sla deze drie klassiekers dan niet over.

Boerenkool met rookworst – Deze winterse hap is gezond, vullend en lekker. Rookworst zorgt voor een portie umami en tafelzuur (augurkjes, zilveruitjes) maken het gerecht af.

Kibbeling  Nederlanders vangen, en eten, al sinds mensenheugenis vis. Een portie hete, zoutige, kruidige kibbeling is een geliefde snack op de markt of aan het strand.

Stroopwafel  Van alle koeken en wafels die we hebben bijgedragen aan de wereldkeuken is een vers gebakken reuzenstroopwafel misschien wel het allerlekkerst.

Wie bezorgt bij jou in de buurt?

Voer je postcode in